De kunst van 


Voor het nieuwe magazine van het Leger des Heils ‘Soelaas’ maak ik de rubriek ‘De kunst van’. Hierin krijgen kunstzinnige deelnemers en hun werk een podium. Soelaas verschijnt vier keer per jaar. Hier kun je hem gratis aanvragen.








De kuns van Bastian


TEKST / FOTOGRAFIE: ELSKE VERDOORN

Bastian is een creatieve duizendpoot. Hij maakt kunst in alle denkbare vormen. Schilderijen, maar ook sierraden, beschilderde schoenen en jassen. Alles wat hij maakt, heeft zijn eclectische urban street art-stijl.

“Als klein jongetje tekende en schilderde ik al”, vertelt Bastian. “Later begon ik met graffiti. Als je groot werkt, kan iedereen het zien. Jammer genoeg werden de boetes te veel, dus ben ik gestopt”. Bastian studeerde aan het Grafisch Lyceum in Rotterdam. Daarna werkte hij als ontwerper voor mediabedrijven en ontwierp hij flyers voor bekende discotheken en platenlabels. “Ik heb zelfs nog met Herman Brood getekend: we kwamen in dezelfde kroeg en tekenden op bierviltjes.”

Hij maakt zijn doeken met een combinatie van technieken. Eerst de ondergrond, met spuitbussen, stencils en acrylverf. Dan de lijnen, met markers of stiften. Vaak ontstaan er gaandeweg figuren en gezichten. “Ik houd van poppetjes tekenen, dat klopt. Of het zelfportretten zijn? De ogen in ieder geval wel. Dat zijn mijn ogen, daar heb ik een stencil van gemaakt.” 



Zijn dochter tekent soms ook mee. “Sommige zijn van haar, maar ik zeg niet welke!”.

De doeken lijken snel te zijn gemaakt, er zit iets wilds in. Tegelijkertijd zijn de lijnen trefzeker. “Je denkt misschien mijn neefje van vier kan het ook,” zegt Bastian, ‘maar dat valt toch tegen.” Het kan lang duren voor een werk af is. “Goed kijken, toch nog dingen veranderen - ik kan zo er een jaar mee bezig zijn. Soms gooi ik ze uiteindelijk toch weg. Sommige zijn al drie keer overgeschilderd. Andere, zou ik nóóit weg doen.”

Sinds kort kan Bastian ook het ontwerp van een sok op zijn naam schrijven. Let’s Do Goods vroeg hem het ontwerp te maken. Op hun site vind je alle kleurrijke ontwerpen. De sok van Bastian is vanaf oktober verkrijgbaar.


SOELAAS 3, 2021






De kunst van Fikry


TEKST / FOTOGRAFIE: ELSKE VERDOORN

Fikry’s ontdekte in 2008 dat hij een talent had. Laat eigenlijk. ‘Ik zat in de psychiatrie en daar was een vrouw die kunstzinnige dingen met ons deed. Zij zag dat ik het kon’. Hij heeft lang niet alle tekeningen uit die tijd bewaard. Sommige tekeningen raakten zoek. Maar zijn stijl is gebleven. ‘Ik ben geen kunstenaar, want ik ben niet rijk’, zegt Fiky. ‘Maar ik maak wel kunst’.

Hoe onstaat die kunst eigenlijk? Voordat Fikry begint rookt hij een jointje. ‘Daar teken ik mooier van’. Dan gaat hij zitten, als het goed gaat 3 of 4 uur onafgebroken. ‘Maar soms ben ik te stoned om het af te maken. Als ik ga piekeren, ga ik ook niet door’.

Hij begint met de lijnen. Soms strak en architectonisch, soms vloeiend, ‘zoals tribal tattoos’. Daarna begint het inkleuren met viltstiften of ballpoints. Net wat voorhanden is.



Zo ontstaan de kolkende tekeningen, vol kleur en beweging. Je wordt erin gezogen, meegevoerd langs golven en vogels, dwars door futuristische landschappen. Uiteindelijk bereik je een middelpunt, waar alles samenkomt. ‘Het tekenen kalmeert mij, het maakt mijn hoofd leeg en rustig’. Dat is precies wat je in Fikry’s tekeningen kunt zien; hoe woelige gedachten toch rust vinden. Fikry toont er zijn binnenwereld.

Fikry is 47, en heeft sinds kort via Housing First van het Leger des Heils een eigen woning.

SOELAAS 2, 2021









Eithel wil geen kunst maken,
maar bewijs leveren


TEKST: ELSKE VERDOORN

Eithels leven draait om een uniek, gedetailleerd systeem. Het houdt hem elke dag bezig. Het draait om zijn spel ‘ver-baal’, dat hij twee of drie keer per week speelt op basketbalveldjes in de stad. Vanaf een flinke afstand, minstens een half veld, gooit Eithel ballen richting de basket. Bij ieder raak schot noteert hij de minuut, de plek en de punten. Hij filmt alles, zodat hij thuis een compilatievideo kan maken.

Dit is zijn bewijs. De punten die hij met ‘ver-baal’ scoort staan namelijk voor dollars die de bank aan hem zou moeten uitkeren. De bank ziet het anders, maar dat maakt voor Eithel niet uit. Hij lacht en haalt zijn schouders op.

Inmiddels bestaat zijn bewijs uit een bonte van verzameling papieren, schriften en video’s.   Eens in de drie maanden maakt Eithel een eindoverzicht. Met een foto van zichzelf en zijn ballen, de ‘ver-baal’ scores, en een tekst die hij als een rap kan opdreunen, helemaal uit zijn hoofd. Dit overzicht, dat hij ook op t-shirts laat printen, noemt hij zijn ‘bewijs van rijbewijs’.


Zijn werk laat zien hoe Eithel de wereld ziet. Sport, verkeer, seks en zijn geboortestad Willemsstad lopen er logisch in elkaar over. Hij noemt het basketbalveld de 'verkeertafel', en de basket een 'stuur'. Vormen beïnvloeden zijn taal: De lichten van het stoplicht zijn net drie basketballen boven elkaar. En de ruitvormpjes van het basketbalnet doen Eithel aan een vrouwelijk geslachtsdeel denken; "de bal gaat in de k-u-t". Vandaar. De woorden dansen over de pagina’s, lopen in elkaar over, en soms kun je de woorden van links naar rechts, van onder naar boven en weer terug lezen.

Zijn werk is niet bedoeld als kunst, maar als bewijs. Maar ook als je de regels van de verkeertafel niet snapt, zie je dat het mooi is.

SOELAAS 1, 2021